Home » Postgraduaat Fiscaal Recht & Fiscale Praktijk » Opleiding » Programma » Fiscaliteit en Onroerend Goed

Fiscaliteit en Onroerend Goed

Fiscale aspecten bij de verwerving van onroerend goed

1. Verkrijging van onroerend goed met betaling van het registratierecht

- registratieverplichting

- waarde waarover registratierechten verschuldigd zijn en controlerechten van de fiscale administratie

- tarief van de registratierechten; gewone en verlaagde tarieven

- de meeneembaarheid van de registratierechten in Vlaanderen

2. Verkrijging van onroerend goed met betaling van BTW

- voorwaarde:  nieuw gebouw : definitie

- eventueel ook de grond (voorwaarden)

- vestiging en overdracht van zakelijke rechten

- bijzonder geval: verwerving van een onroerend goed via onroerende leasing

- praktische toepassing en casus

 

Fiscale optimalisatie en planning

1. De patrimoniumvennootschap

- begrip en motieven voor de oprichting

- aangewezen vennootschapsvormen

- invloed van de anti-misbruikbepaling

- vergelijking van de periodieke inkomsten van een onroerend goed in de personenbelasting versus de vennootschapsbelasting

- casus en praktische voorbeelden

2. Sale and lease back-verrichtingen

- de boekhoudrechtelijke verwerking;

- contractuele aandachtspunten;

- zekerheidsrechtelijke aandachtspunten;

- zakenrechtelijke aandachtspunten (erfpacht, opstal, aankoopoptie);

- de heffing van BTW en/of registratierechten op de verrichting;

- analyse van het KB nr. 30 (onroerende financieringshuur en BTW);

- het fiscaal regime van de meerwaarden gerealiseerd bij de verrichting;

- invloed van de anti-misbruikbepaling op deze verrichting

3. Verwerving van onroerend goed door bedrijfsleiders via een aanvullende pensioenregeling

- hypothecair krediet, wettelijk kader, werking en voorwaarden

- inpandgeving of voorschot

- keuze van opname van een voorschot (periodieke aflossing, kapitaalsaflossing, intrestvrij, . . )

- fiscale gevolgen van de keuze van opname van voorschot

- fiscaliteit van de verzekeringen

- praktische toepassing en casussen

4. Gesplitste aankoop van onroerend goed

- Gesplitste verkrijging van naakte eigendom en vruchtgebruik

- Aspecten van inkomstenbelastingen en registratierechten

- Invloed van de anti-misbruikbepaling

- Praktische toepassing


Vervreemding van onroerend goed

1. Einde van erfpacht-  en opstalconstructies

- Aspecten van inkomstenbelastingen, registratierechten en BTW

- Zijn er bij de overdracht op het einde van de termijn directe (personenbelasting - vennootschapsbelasting) of indirecte belastingen (registratierechten) verschuldigd?

- Behaalt de verkrijger van de verbeteringswerken een belastbaar voordeel?

- In hoeverre kan het einde bij de opstalhouder-vennootschap als liberaliteit belast worden ?

- Is er bij de beëindiging BTW verschuldigd?  Of wordt vroeger afgetrokken BTW nog herzien?

- Maakt het een verschil uit of er aan het contract een einde wordt gesteld op de oorspronkelijk overeengekomen datum of op een vroeger tijdstip?

- Wat zijn de fiscale gevolgen van de overdracht van één van de zakelijke rechten, in hoofde van de eigenaar,  de erfpachter of opstalhouder en de overnemer van het zakelijk recht?

2. Meerwaarde bij de vervreemding van een onroerend goed

- behandeling in de personenbelasting

- behandeling in de vennootschapsbelasting : al dan niet uitgedrukt  of verwezenlijkt

- gespreide taxatie : wederbeleggingsproblematiek

- praktische toepassing en casus

3. Onttrekking van een onroerend goed aan de vennootschap

- gevolgen op het vlak van de inkomstenbelastingen : abnormale goedgunstige voordelen?  Voordeel van alle aard?

- gevolgen op het vlak van de registratierechten : 0%, vast recht, uit onverdeeldheid treden

- gevolgen op het vlak van de BTW : herziening van de aftrek

- mogelijke optimalisatie?

Gastdocenten: Thierry Charon, Alain Claes, Leo De Broeck, Philippe Hinnekens, Carl Van Biervliet, Paul Van Eesbeeck, Roel Van Hemelen, Wim Van Kerchove