Vastgoed in de vennootschap: diverse mogelijkheden elk met hun eigen fiscale behandeling - E-SEMINARIE

Een vennootschap kan onroerend goed op verschillende manieren verwerven. 
Aankoop in volle eigendom, aankoop via lijfrente, recht van opstal, recht van erfpacht, vruchtgebruik of eventueel als belegging. Een andere mogelijkheid bestaat uit het huren van een onroerend goed. Tijdens dit seminarie komen deze verschillende vormen aan bod.  Elke met de eigen specifieke fiscale regeling. 

In eerste instantie wordt dieper ingegaan op de aankoop in volle eigendom. Een vennootschap die een bedrijfspand aankoopt, dient deze op te nemen op de actiefzijde van de balans. Het principe van het getrouw beeld impliceert dat steeds de werkelijke toestand van de onderneming moet weergegeven worden. Dit houdt in dat er jaarlijks een kan worden geboekt op de waarde van het pand. Kunnen de bij de aankoop verbonden kosten ook worden aafschrijving fgeschreven? Wat met de grond? Stel dat de waarde van het pand in werkelijkheid hoger ligt dan de aanschaffingswaarde? Op dat moment moet er een herwaarderingsmeerwaarde worden geboekt. 
Als het pand (deels) gratis ter beschikking wordt gesteld van de bedrijfsleider, kan dit aanzien worden als een deel van zijn bezoldiging. De bedrijfsleider zal dan wel belast worden op een voordeel van alle aard. Hoe zit het dan met de kosten van de woning? Blijven die aftrekbaar? 

Een vennootschap kan een onroerend goed ook tezamen aankopen met de bedrijfsleider, m.n. het principe vruchtgebruik-blote eigendom. Of eventueel een gebouw optrekken via het principe erfpacht of opstal. In dit seminarie wordt nagegaan waarmee men rekening moet houden bij het begin, tijdens en het einde van een vruchtgebruik, opstal of erfpacht

Een belegger in onroerend goed kan zijn onroerend vermogen beheren in persoonlijke naam of het onroerend goed onderbrengen in een patrimoniumvennootschap die dan het beheer waarneemt.  In dit seminarie wordt stilgestaan bij het nut en de werking van een patrimoni¬umvennootschap. Onderzocht wordt welke vennootschapsvorm het meest aangewezen is. Daarbij wordt rekening gehouden met de nieuwe aspecten van het WVV. Vervolgens wordt een vergelijking gemaakt tussen het fiscaal regime van de opbrengsten van het onroerend goed in de personen- en de vennootschapsbelasting. Hierbij wordt ook aandacht besteed aan de vele nadelen die het aanhouden van de gezinswoning in een vennootschap kunnen hebben en waar en hoe deze desgevallend kunnen worden opgevangen. 

Een laatste vorm die aan bod kom tijdens dit seminarie is de huur van een onroerend goed. 
Hierbij wordt vooral gefocust op het probleem van de vooruitbetaalde huur. Quid vooruitbetaalde huur bij de vennootschap? Quid vooruitbetaalde huur bij u als privépersoon? Wat is het gevaar/voordeel van het gebruik van de rekening-courant? Hoe ziet het matchingprincipe eruit na de hervorming van de vennootschapsbelasting.

Tijdens de uiteenzetting worden tevens diverse fiscale vraagstukken behandeld bij vb. het overbrengen van onroerende goederen vanuit de privé-sfeer naar de vennootschap toe en omgekeerd het uit de vennootschap verkrijgen ten persoonlijke titel van onroerende goederen. Dit samen met bepaalde fiscale technieken die een patrimoniumvennootschap een duwtje in de rug kunnen geven, denken we maar aan het systeem van gespreide taxatie (art. 47 WIB92), het aanleggen van fiscaal aftrekbare voorzieningen e.d. 
 

Vennoot-Accountant-Belastingconsulent Vandelanotte, Prof. FHS, Gastdocent EMS en KU Leuven
Fiscaal jurist bij Vandelanotte
Prijs:
€ 195,00

Het seminarie duurt 3,5 uur

 

di 16/03/2021 | 13:30 - 17:00

Real time

Een realtimeseminarie wordt op een vooraf bepaalde dag en op een vaststaand tijdstip gegeven. Je kan rechtstreeks en interactief deelnemen. 

do 18/03 - di 18/05/2021 | Heel de dag

On demand

Een on-demand-seminarie is een opname van een seminarie. De deelnemer kan deze opname bekijken op een door hem/haar zelfgekozen tijdstip.